Hiv-infectie: tweevoudige combinatietherapie, een sterk alternatief voor drievoudige therapie
Een hiv-infectie wordt gewoonlijk behandeld met een combinatie van drie antiretrovirale middelen. Er wordt echter veel vooruitgang geboekt, ook op therapeutisch vlak. Een studie die einde juli is gepresenteerd op het 24e internationale congres over aids (AIDS 2022), bevestigt de werkzaamheid en de veiligheid van een tweevoudige combinatietherapie.
Een hiv-infectie wordt sinds het midden van de jaren negentig behandeld met een combinatie van twee nucleosideanalogen (NRTI's) en een proteaseremmer, een niet-nucleosideanaloog (NNRTI) of sinds kort een integraseremmer.
Als het virus goed onderdrukt is, kan worden overwogen de behandeling te verlichten, onder meer om de toxiciteit op lange termijn te verminderen, bijv. door het aantal innames per week te verlagen of over te schakelen op een tweevoudige combinatietherapie. Dat is dus een heel andere situatie dan in geval van een mislukking van de behandeling (rebound van het virus); in dat laatste geval moet van antiretrovirale behandeling worden veranderd.
Wilt u de rest van dit artikel lezen?
Registreer gratis om toegang te krijgen tot de volledige inhoud van MediQuality op al uw schermen