Gestabiliseerde niet-radiografische spondyloartritis: kans op relaps na stopzetting van golimumab
De GO-BACK-studie, een open fase IV-studie, die is gepubliceerd in Rheumatology, maant aan tot voorzichtigheid bij het stopzetten van een behandeling met golimumab als een axiale niet-radiografische spondyloartritis niet meer actief is. Er is immers een hoog risico op relaps.
Golimumab, een TNF-alfa-antagonist, die wordt aanbevolen als NSAID's mislukken of niet worden verdragen, stopzetten of voortzetten? Om die vraag te beantwoorden, heeft een groep reumatologen 323 patiënten met een axiale niet-radiografische spondyloartritis (mediane leeftijd 31,5 jaar, 70,2% mannen, 91% niet zwaarlijvig) gedurende 10 maanden behandeld met golimumab 50 mg s.c. om de maand. De tijd tussen de diagnose en het starten van de behandeling in die cohorte was kort: bij 59,6% van de patiënten was de diagnose minder dan een jaar geleden gesteld. Alle patiënten hadden axiale pijn en de meeste waren HLA-B27-positief. De 188 patiënten bij wie de ziekte inactief was geworden, werden in een tweede fase in een 1-1-1-verhouding gerandomiseerd naar een placebo (overeenstemmend met totale stopzetting), voortzetting van golimumab in de initiële dosering en voorzetting van golimumab in een lagere dosering (om de twee maanden). In geval van een heropflakkering werden de patiënten van de placebogroep en de patiënten die golimumab in een lagere dosering kregen, weer overgeschakeld op golimumab in de volle dosering in een open studie. Zo niet, werd de behandeling gedurende 12 maanden voortgezet.
Wilt u de rest van dit artikel lezen?
Registreer gratis om toegang te krijgen tot de volledige inhoud van MediQuality op al uw schermen