Gewrichtspsoriasis met een slechte prognose: beter meteen een intensieve behandeling voorschrijven
Bij patiënten met een psoriatische artritis met een slechte prognose is een vroege intensieve behandeling met een biologisch geneesmiddel of een combinatie van conventionele synthetische ziektemodificerende geneesmiddelen effectiever dan de standaardbehandeling bestaande in een stapsgewijze intensivering van de behandeling naargelang van de therapeutische doelstellingen.
In haar laatste richtlijnen raadt de EULAR een ‘treat-to-target'-strategie aan bij de behandeling van gewrichtspsoriasis, waarbij de behandeling wordt gestart met een conventioneel synthetisch ziektemodificerend geneesmiddel. Als de patiënt daar niet of niet goed op reageert, dus als de ziekte actief blijft, wordt aangeraden de behandeling progressief te intensiveren. Een andere optie is patiënten met een slechte prognose meteen intensiever te behandelen.
In recente studies is een vroege behandeling met een biologisch geneesmiddel niet beter gebleken dan de standaardstrategie. Die studies zijn echter niet overwegend uitgevoerd bij patiënten met een slechte prognose.
Sofia Massa et coll. (Oxford, Verenigd Koninkrijk) hebben de SPEED-studie (Severe Psoriatic arthritis - Early intervEntion to control Disease) gepresenteerd op het EULAR 2025. Die gerandomiseerde studie is uitgevoerd bij 192 patiënten bij wie pas een diagnose van psoriatische artritis was gesteld en die minstens één prognostisch ongunstige factor vertoonden. De patiënten werden in drie groepen ingedeeld: 1) een ‘treat-to-target'-behandeling te beginnen met een conventioneel synthetisch ziektemodificerend geneesmiddel, 2) een combinatie van conventionele synthetische ziektemodificerende geneesmiddelen (methotrexaat + sulfasalazine/leflunomide) en 3) adalimumab, een TNF-alfa-antagonist, + methotrexaat gedurende zes maanden.
Na 24 weken was de score van ziekteactiviteit (PASDAS) significant lager in de groep die een TNF-alfa-antagonist kreeg (3,7 punten), en in de groep die een combinatie van conventionele synthetische ziektemodificerende geneesmiddelen kreeg (4,1 punten), dan in de standaardgroep (4,7 punten). De vorsers hebben geen significant verschil vastgesteld tussen de eerste twee groepen.
Het aantal patiënten met een goede respons op de behandeling te oordelen naar de PASDAS na 24 weken was hoger in de eerste twee groepen dan in de standaardgroep (31,2% en 45,3% versus 7,5%). Het percentage matig goede respons was vergelijkbaar in de drie groepen.
Na 48 weken was de PASDAS significant lager in de groep die een TNF-alfa-antagonist kreeg, dan in de standaardgroep, hoewel de duur van die behandeling werd beperkt tot zes maanden. Idem wat het percentage goede PASDAS-respons betreft. Dat bewijst volgens de auteurs de langdurige werking van het biologische geneesmiddel.
Tijdens de eerste 24 weken hebben 27,9% van de patiënten die een combinatie van conventionele synthetische ziektemodificerende geneesmiddelen kregen, en 26,9% van de patiënten die een TNF-alfa-antagonist kregen, een "noodbehandeling" moeten krijgen, zijnde een intensievere behandeling dan de behandeling voorgeschreven bij de randomisatie.
Er zijn vier ernstige bijwerkingen opgetreden, twee in de standaardgroep en twee in de groep die van meet af aan een TNF-alfa-antagonist had gekregen.
Hoofdpijn, nausea, diarree en gestoorde levertests waren frequenter in de groep die een combinatie van conventionele synthetische ziektemodificerende geneesmiddelen kreeg, en infecties waren frequenter in de groep die een TNF-alfa-antagonist kreeg.
De auteurs leiden daaruit af dat een intensieve behandeling van meet af aan met een biologisch geneesmiddel of een combinatie van conventionele synthetische ziektemodificerende geneesmiddelen de ziekte sneller onder controle brengt bij patiënten met een matig ernstige tot ernstige psoriatische artritis in een vroeg stadium. Volstaat dat voor de EULAR om de richtlijnen aan te passen? De toekomst zal het uitwijzen.
Bron:
Massa S. et coll. Early intensive therapy with combination csDMARDs or TNF inhibitors are superior to standard step up care for the treatment of moderate to severe psoriatic arthritis: SPEED RCT. EULAR 2025; OP0089. Ann Rheum Dis 2025; DOI: 10.1136/annrheumdis-2025-eular.B567. https://ard.eular.org/article/S0003-4967(25)01144-6/abstract