Nieuws  >  Een taaltest opleggen is nog niet zo’n slecht idee

Een taaltest opleggen is nog niet zo’n slecht idee

BRUSSEL 30/08 - Er is momenteel discussie over de integratie van buitenlandse artsen in het Belgische gezondheidszorgstelsel en met name over de vraag of een taaltest wenselijk of noodzakelijk is. De minister voor Volksgezondheid Franck Vandenbroucke wil buitenlandse artsen onderwerpen aan een taaltest, en dat voorstel wordt bijgetreden door de vertegenwoordigers van de artsenberoepen.

© Dr Yannis Bakhouche, médecin généraliste et Conseiller politique à la Présidence au Mouvement Reformateur en politique de santé
© Dr Yannis Bakhouche, médecin généraliste et Conseiller politique à la Présidence au Mouvement Reformateur en politique de santé
Laten we eerst even ingaan op de context. België stelt zich net als andere landen vrij soepel op ten aanzien van buitenlandse artsen omdat er een ernstig tekort is aan gezondheidswerkers, een tekort dat nog is geaccentueerd door de restrictieve wetten op de toegang tot de studies geneeskunde sinds 1996. Ter herinnering, in België moeten artsen in spe een ingangsexamen afleggen.
 
Dat is echter niet alleen zo in België. In de Verenigde Staten bijvoorbeeld is het aantal in het buitenland opgeleide artsen dat slaagt in het USMLE-examen, dat cruciaal is voor een volledige medische erkenning, tussen 2001 en 2008 met 70% gestegen. In diezelfde periode is de instroom van buitenlandse artsen in Australië verdubbeld en in Canada met 40% gestegen. Die landen hebben de regels inzake permanente migratie van artsen versoepeld, waardoor die instroom sterk is toegenomen. Volgens recente cijfers van de OESO zijn in België meer dan 10 000 buitenlandse artsen actief, bijna een verdubbeling in 11 jaar. Vandaar de essentiële vraag: "Hoe integreren zij zich in ons gezondheidszorgstelsel?"
 
Rekrutering van gezondheidswerkers in het buitenland is vaak maar een kortetermijnoplossing om onmiddellijke noden te dekken. Een hoger inkomen is een belangrijke factor, maar er spelen nog andere factoren mee bij de beslissing uit te wijken naar een ander land zoals een streven naar een betere toekomst voor hun gezin. Die migratie van medische talenten is een gevolg van de systemische lacunes in het land van herkomst en niet zozeer de directe oorzaak ervan. In Roemenië en Griekenland bijvoorbeeld hebben de problemen van het gezondheidszorgstelsel die migratie in de hand gewerkt. 
 
In België heeft die problematiek een cruciaal punt bereikt. In België zijn er decreten die de toegang tot de studies geneeskunde beperken om die situatie op te lossen, maar de Europese Unie stelt dat de diploma's in de lidstaten equivalent zijn. Artsen die in het buitenland zijn gediplomeerd, kunnen dus een praktijk uitoefenen in België, ongeacht de quota voor studenten. Omgekeerd kunnen artsen, die hun diploma in België hebben behaald, in het buitenland gaan werken, zodat ze het hun toegekende Riziv-nummer ongebruikt laten. De toekenning van Riziv-nummers  en quota is een gecoördineerd proces tussen de regering, de universiteiten, de artsencolleges en de  deelstaten. In juni 2023 is een belangrijke stap gezet met een historisch akkoord tussen de regering van de Fédération Wallonie-Bruxelles en de federale regering, dat tot doel heeft het aantal Franstalige artsen te verhogen. Dat akkoord voorziet de toekenning van 744 Riziv-nummers tegen 2028 en 929 nummers tegen 2029, dus bijna het dubbele van de vorige quota, zijnde 505. Maar volstaat dat om onze afhankelijkheid van buitenlandse artsen te verminderen? Of moet het quotum nog meer worden verhoogd?
 
Die beslissingen hebben invloed op het artsenaanbod in België. De universiteiten hebben daarom oplossingen uitgewerkt om het tekort in bepaalde specialismen weg te werken. Dat kan gaan om een gesprek met een universiteit of een formeel examen om de erkenning te verkrijgen nodig voor de verdere opleiding. Gezien de equivalentie van diploma kunnen Europese artsen, die al gespecialiseerd zijn, direct de geneeskunde beoefenen in België met een Riziv-nummer. Die overgang verloopt echter niet altijd van een leien dakje en de integratie van buitenlandse artsen is niet altijd gemakkelijk. 
 
Zich aanpassen aan een nieuwe omgeving, de taal leren en de Belgische medische cultuur vatten … Dat alles kan frustraties met zich meebrengen en een afstand creëren tussen de patiënt en de arts. Ze moeten protocollen lezen, medische dossiers opstellen en administratieve taken verrichten, wat de zaken nog complexer maakt. Buitenlandse artsen moeten een evenwicht vinden tussen hun medische expertise en hun aanpassing aan een ander gezondheidszorgstelsel, met meer druk op de ziekenhuizen. Zelf heb ik vaak communicatieproblemen vastgesteld met buitenlandse artsen. De vraag rijst dan ook of ze wel goed kunnen communiceren met de patiënten.  Ik heb zelf situaties meegemaakt, waarin het medisch team spinnijdig werd wegens de vragen die buitenlandse artsen over fundamentele aspecten stelden. Dat sterkt me in mijn overtuiging dat de taalbarrière ernstige gevolgen kan hebben, ook al twijfel ik niet aan de kwaliteit van de opleiding van de buitenlandse artsen. De kwestie van de opleiding van de artsen zou volgens mij overigens het onderwerp moeten zijn van een aparte discussie, ook al zou je om problemen van erkenning van de competentie te vermijden een test van de medische kennis kunnen overwegen zoals in de Verenigde Staten. 
 
Andere landen zoals Duitsland en Luxemburg hebben een geaccrediteerd intensief taalprogramma van zes maanden ingevoerd. Buitenlandse artsen moeten zo'n taalbad volgen voor ze er een medische praktijk mogen starten. Kennis van de taal van het land is essentieel om patiënten goed te kunnen verzorgen. Het zou dan ook goed zijn dat de deelstaten eisen dat toekomstige artsen die in België willen werken, een bewijs van kennis van de taal leveren teneinde een stevige relatie te kunnen opbouwen met de patiënten, hun sociale integratie te verzekeren en een optimale organisatie van de gezondheidszorg te garanderen. In afwachting van officiële regelgeving ad hoc ben ik dan ook sterk voorstander van verplichte taalcursussen in de ziekenhuizen opdat buitenlandse artsen zich gemakkelijker zouden kunnen integreren in het Belgische gezondheidszorgstelsel. 
 
Een taaltest voor buitenlandse artsen in België vloeit eigenlijk voort uit de noodzaak om een kwaliteitsvolle zorg te leveren en goed te communiceren met de patiënten. Er moet een goed evenwicht worden gevonden tussen de uitdagingen van de integratie, de taal en de regelgeving om een performant gezondheidszorgstelsel te waarborgen met respect voor de ethische waarden van het artsenberoep. Een verplichte taaltest is dus zeker geen slecht idee.
 

Dr Yannis Bakhouche, médecin généraliste et Conseiller politique à la Présidence au Mouvement Reformateur en politique de santé • Mediquality

Schrijf u gratis in

Om toegang te krijgen tot nationale en internationale medische informatie op al uw schermen.