Nieuws  >  Endometriumkanker: richtlijnen 2025 over de behandeling

Endometriumkanker: richtlijnen 2025 over de behandeling

Endometriumkanker is een heterogene tumor, die verschillende pathologisch-anatomische types omvat. Dankzij de biomoleculaire classificatie kunnen we het therapeutische beleid beter sturen.

  • Classificatie
    Dankzij de nieuwe richtlijnen kan je de behandeling verbeteren: een lichtere behandeling in geval van een endometriumkanker met een gunstige prognose en een intensievere behandeling in geval van een endometriumkanker met een slechte prognose, en kan je nieuwe immunotherapeutische middelen voorschrijven.
    Bij endometriumkanker moet je altijd het moleculaire profiel bepalen. Je moet preoperatief een definitieve weefseldiagnose stellen.
    Beeldvorming kan worden aangevraagd om de diepte van invasie in het myometrium te ramen en aantasting van de baarmoederhals en lymfeklieren op te sporen.

  • Operatie
    Stadium I en stadium II worden chirurgisch behandeld. Een mini-invasieve laparoscopische chirurgie is te verkiezen boven een laparotomie. De prognose is even goed, maar een laparoscopie veroorzaakt minder morbiditeit.
    In vroege stadia (I en II) wordt een biopsie van de schildwachtklier uitgevoerd in plaats van meteen een lymfeklierdissectie uit te voeren. De prognose is even goed, je kan zo meer lymfekliermetastasen detecteren en er treedt minder morbiditeit op.
    Een lymfeklierdissectie is nodig voor stadiëring bij endometriumkanker stadium I, maar heeft geen invloed op de totale overleving of de recidiefvrije overleving. Een chirurgische stadiëring kan nuttig zijn om de vrouwen met positieve klieren te selecteren die in aanmerking komen voor een adjuvante behandeling en om eventueel af te zien van externe radiotherapie bij vrouwen zonder lymfeklierinvasie.
    Een biopsie van de schildwachtklier is een aanvaardbaar alternatief voor een systematische lymfeklierdissectie bij endometriumkanker in een vroeg stadium.
    Als de schildwachtklier negatief is, hoef je geen dissectie van de lumbale en para-aortische lymfeklieren uit te voeren, ongeacht het risico niveau (intermediair hoog of hoog).
    Bij patiënten van 45 jaar of jonger is het aanbevelenswaardig de ovaria te behouden (een bilaterale salpingectomie wordt uitgevoerd tijdens een hysterectomie). 
    Bij een endometriumkanker stadium III en IV kan de dissectie worden beperkt tot de aangetaste lymfeklieren.

  • Bestraling
    Bij een endometriumkanker die een laag risico inhoudt, en bij een tumor met een agressief profiel die beperkt blijft tot het endometrium, wordt aanbevolen geen radiotherapie te geven of enkel brachytherapie om het risico op plaatselijk recidief te verkleinen.
    Radiotherapie wordt aanbevolen bij een endometriumkanker die een intermediair risico inhoudt, omdat radiotherapie de incidentie van recidief in het bekken of de para-aortische klieren significant verlaagt.
    Bij een endometriumkanker met een intermediair hoog risico moet de radiotherapie worden aangepast volgens de toestand van de lymfeklieren.
    Een hoogrisico-endometriumkanker (stadium III, sereus endometriumcarcinoom stadium I–II  of p53-mutatie) wordt behandeld met een combinatie van chemotherapie en radiotherapie om de prognose te verbeteren.
    Wat endometriumkanker stadium 3/4 met een POLE-mutatie betreft, zijn er nog geen aanwijzingen dat toevoeging van chemotherapie aan de radiotherapie de prognose verbetert.

  • Chemotherapie
    Bij patiënten met een endometriumkanker met positieve lymfeklieren verbetert een adjuvante chemotherapie de progressievrije overleving en de totale overleving. 
    Bij patiënten met een sereus endometriumcarcinoom en/of p53abn in een vroeg stadium moet een adjuvante chemotherapie worden overwogen na overleg met de patiënte.

  • De immunotherapie kiezen
    PD-1- en PD-L1-antagonisten zijn doeltreffend bij een recidief of een gevorderde endometriumkanker. De beste resultaten worden behaald bij patiënten met een gebrekkig herstel van DNA-letsels (dMMR). 
    Bij patiënten met een gemetastaseerde endometriumkanker dMMR/MSI of een stadium III–IV die geopereerd zijn, wordt een combinatie van immunotherapie en chemotherapie met platinaverbindingen en paclitaxel aanbevolen.
    Immunotherapie wordt niet aanbevolen bij een pMMR kanker (MMR proficiënt).

Bron:

  1. Koskas M, Crosbie E, Fokdal L et coll. Cancer of the corpus uteri: A 2025 update. Int J Gynaecol Obstet. 2025 Sep;171 Suppl 1(Suppl 1):60-77. doi: 10.1002/ijgo.70326.

Cancer of the corpus uteri: A 2025 update

Dr. Isabelle Catala - Belangenconflicten: geen • MediQuality

Schrijf u gratis in

Om toegang te krijgen tot nationale en internationale medische informatie op al uw schermen.