EULAR: meer over fibromyalgie
Op het congres van de EULAR 2025 (Barcelona, 11-14 juni) zijn meerdere presentaties gegeven over fibromyalgie. Fibromyalgie is een complexe reumatische aandoening, waarvan de oorzaak en de onderliggende pathofysiologische mechanismen nog niet bekend zijn. Het stellen van de diagnose en de behandeling zijn dan ook vaak een hele uitdaging. De preliminaire resultaten van twee studies uitgevoerd met respectievelijk GLP-1-receptoragonisten en transcutane neurostimulatie van de auriculaire nervus vagus zien er alvast veelbelovend uit.(1),(2)
Een collateraal effect van GLP-1-receptoragonisten?
Een kleine Amerikaanse groep (Arizona en Texas) aangevuld met een Egyptische onderzoekster (Alexandria) heeft de eventuele effecten van GLP-1-receptoragonisten op fibromyalgie geëvalueerd.1
Voor hun studie zijn de vorsers uitgegaan van de gegevens van het researchnetwerk TriNetX. Na matching volgens een propensity score hebben ze twee groepen patiënten gevormd: patiënten met een bewezen diagnose van fibromyalgie die een GLP-1-receptoragonist kregen (cohorte A), en patiënten met een bewezen diagnose van fibromyalgie die geen GLP-1-receptoragonist kregen (46 409 patiënten in cohorte A en 716 185 in cohorte B). Na 1-1-matching volgens de leeftijd, het geslacht, de comorbiditeit (type 2-diabetes, hypertensie, apneu, artrose, andere ontstekingsziekten …), het HbA1c-gehalte, de BMI en de behandeling (opioïde pijnstillers, andere pijnstillers, NSAID's en antidepressiva) telde elke cohorte 38 439 patiënten. De primaire eindpunten waren: het gebruik van opiaten, asthenie, ongemak, chronische pijn, consultaties wegens fibromyalgie, de BMI en het HbA1c-gehalte.
Na een follow-up van 5 jaar hebben de vorsers interessante vaststellingen gedaan. In groep A (patiënten met een GLP-1-receptoragonist): minder gebruik van opioïde pijnstillers (OR: 0,600 en verschil in risico: - 12,6%; p < 0,001), minder vermoeidheid en ongemak (OR: 0,576, verschil in risico: - 10,8%, p < 0,001), minder pijn (OR: 0,682, verschil in risico: - 9,1%, p < 0,001) en minder consultaties wegens fibromyalgie (OR: 0,512, verschil in risico: - 16,6%, p < 0,001).
Geen verschil in beperking van de activiteiten door een vorm van invaliditeit tussen de twee groepen (OR: 0,953, verschil in risico: 0%, p = 0,827). De BMI en het HbA1c-gehalte verbeterden in beide groepen, maar iets minder in cohorte B.

Figuur uit de studie.1
De vorsers concluderen dan ook dat GLP-1-receptoragonisten de symptomen van fibromyalgie zouden kunnen verbeteren (vooral minder gebruik van opiaten, minder asthenie en minder pijn). Ze schrijven dat toe aan een mogelijke pijnstillende en ontstekingsremmende werking van GLP-1-receptoragonisten, maar het zou ook kunnen gaan om een collateraal effect van de behandeling met GLP-1-receptoragonisten (gewichtsdaling, HbA1c-gehalte …).
Transcutane neurostimulatie van de auriculaire nervus vagus?
De twee gepresenteerde studies waren studies van een Italiaanse groep (Ancona), die het effect van transcutane neurostimulatie van de auriculaire nervus vagus op de symptomen van fibromyalgie heeft geëvalueerd. Dat is een niet-invasieve techniek van elektrische stimulatie van de nervus vagus in het oor.
De weliswaar kleine, maar toch interessante studie2 is uitgevoerd bij 25 vrouwen (van gemiddeld 48,6 jaar) met een bewezen diagnose van fibromyalgie (volgens de criteria van het ACR van 2016), die gedurende 28 dagen werden behandeld met een draagbaar toestel voor neurostimulatie, twee sessies van 30 minuten per dag. De belangrijkste evaluatiecriteria waren: functies van het autonome zenuwstelsel, ernst van de symptomen, nociplastische pijn (centrale sensibilisering) …
De resultaten zagen er vrij goed uit: significante verbetering van de functies van het autonome zenuwstelsel, de score van neuropathische pijn en de score van centrale sensibilisering (nociplastische pijn).
Gezien die resultaten concluderen de vorsers dat de techniek doeltreffend en veilig lijkt. Ze onderstrepen dat die neurostimulatie invloed heeft op de pijn en het autonome zenuwstelsel.

Figuur uit de studie. (1)
Verder onderzoek is zeker wenselijk, maar die twee studies zouden ons op het spoor kunnen zetten van nieuwe doeltreffende behandelingen.
Bronnen:
- N. Eshak et coll. Exploring glp-1 agonists effects in fibromyalgia patients: a propensity matched analysis using trinetx database EULAR 2025, Barcelone, 11-14 juin 2025 https://scientific.sparx-ip.net/archiveeular/index.cfm?searchfor=OP0281&view=1&c=a&item=2025OP0281
- M.G. Lommano et coll. Non-invasive auricular vagus nerve stimulation in fibromyalgia: impacts on autonomic function, central sensitization, and pain catastrophizing, EULAR 2025, Barcelone, 11-14 juin 2025 https://scientific.sparx-ip.net/archiveeular/index.cfm?c=a&view=1&searchfor=POS0214&item=2025POS0214