Congres  >   EASD 2025  >  Type 1-diabetes: nieuwe cijfers over de sterfte (Belgische studie) en studie bij vrouwen met type 1-diabetes

Type 1-diabetes: nieuwe cijfers over de sterfte (Belgische studie) en studie bij vrouwen met type 1-diabetes

Op het congres van de European Association for the Study of Diabetes (EASD 2025), dat in september heeft plaatsgevonden in Wenen (Oostenrijk), zijn enkele presentaties gegeven over type 1-diabetes, waaronder een interessante Belgische studie, die de sterfte heeft berekend 15-25 jaar na het stellen van een diagnose van type 1-diabetes,(1) en een Zwitserse studie die de link tussen glykemie en de menstruatiecyclus heeft onderzocht.(2)

De Belgische studie, die op het congres van de EASD is gepresenteerd, is uitgevoerd door Astrid Lavens (Sciensano, Brussel) in samenwerking met een groep Belgische vorsers (Antwerpen, Moeskroen, Luik, Mechelen, Brussel, Aalst en Leuven).1 De vorsers hebben de evolutie van de sterfte van patiënten met type 1-diabetes in België 15-25 jaar na het stellen van de diagnose geëvalueerd.

Dankzij de therapeutische aanwinsten van de laatste jaren (management van de diabetes, controle van de serumlipiden, cardiovasculaire gezondheid) zijn de cardiovasculaire morbiditeit en de daarmee samenhangende mortaliteit bij patiënten met type 1-diabetes sterk gedaald. Daarom is een vergelijking van de sterfte bij patiënten met type 1-diabetese in België 15-25 jaar na het stellen van de diagnose tijdens de periode 1985-1998 (groep A) en de periode 1998-2009 (groep B) zo interessant.

De cijfers zijn afkomstig van het IKED (Initiatief voor kwaliteitsbevordering en epidemiologie bij diabetes), een groot project dat Sciensano op touw heeft gezet in samenwerking met het Riziv. De studie is uitgevoerd bij patiënten met type 1-diabetes bij wie de diagnose minstens 15 jaar eerder was gesteld voor de leeftijd van 30 jaar. De patiënten werden in twee groepen ingedeeld naargelang van het jaar van de diagnose. Bij 345 patiënten werd de diagnose gesteld tussen 1985 en 1998 (groep A) (geanalyseerde jaren 2001-2011) en bij 948 patiënten werd die diagnose gesteld tussen 1998 en 2009 (groep B) (geanalyseerde jaren 2012-2022). Alle patiënten werden gevolgd tot 25 jaar na het stellen van de diagnose van diabetes.

Diagnose in de XXIe eeuw = betere prognose

15 jaar na het stellen van de diagnose was het gemiddelde HbA1c-gehalte hoger in groep A dan in groep B (67,4 vs. 64,8 mmol/mol of 8,3 vs. 8,1%), p < 0,05). Obesitas daarentegen was frequenter in groep B (11,7% vs. 17,6%, p < 0,05). Er is geen verschil in LDL-cholesterolconcentratie en systolische bloeddruk waargenomen tussen de 2 groepen. De patiënten van groep A namen meer antihypertensiva in dan die van groep B (15,7% vs. 11,3%, p < 0,01), en de patiënten van groep B namen meer cholesterolverlagers in (10,4% vs. 15,2% p < 0,05).

25 jaar na het stellen van de diagnose was de cumulatieve sterfte hoger in groep A (5,5%, 95% BI: 3,4-8,3) dan in groep B (2,1%, 95% BI: 1,2-3,5, p < 0,05). 

De overleving van type 1-diabetespatiënten was duidelijk beter als de diagnose was gesteld in 1998-2009, los van andere factoren zoals de leeftijd op het ogenblik van de diagnose, het geslacht en andere gegevens en kenmerken bij inclusie in de studie. Een minder goede controle van de type 1-diabetes te oordelen naar het HbA1c-gehalte 15 jaar na de diagnose correleerde met een hogere sterfte 25 jaar na de diagnose.

Figuur uit de presentatie. (1)

Type 1-diabetes en menstruatiecyclus

Op het congres van de EASD 2025 hebben Zwitserse en Amerikaanse vorsers een studie gepresenteerd over de link tussen de glykemie en de menstruatiecyclus bij vrouwen met type 1-diabetes. De vorsers hebben die studie uitgevoerd omdat ze hadden vastgesteld dat veel vrouwen met type 1-diabetes schommelingen van de glykemie blijken te vertonen tijdens de verschillende fase van de menstruatiecyclus. Gezien die schommelingen passen ze manueel de parameters van hun insulinepomp aan. De vorsers hebben de studie dus uitgevoerd om die variabiliteit tegen het licht te houden. 

Figuur uit de presentatie. (1)

De studie is uitgevoerd bij 77 vrouwen van gemiddeld 35,1 jaar met type 1-diabetes die een insulinepomp gebruikten. De gemiddelde tijd dat de glykemie binnen de streefwaarden lag (TIR), bedroeg 79,1% en de gemiddelde duur van de menstruatiecyclus was 28,1 dagen. Bij analyse van in het totaal 386 menstruatiecycli hebben de vorsers aanzienlijke variaties van het glykemieprofiel vastgesteld in de verschillende fasen van de menstruatiecyclus en ook een hogere heterogeniteit van het glykemieprofiel (tussen vrouwen en tussen cycli).

Figuur uit de presentatie. (1)

Bronnen:

  1. A. Lavens, C. De Block, P. Oriot, J.-C. Philips, M. Vandenbroucke, L. Crenier, F. Nobels, C. Mathieu, Trends in mortality among individuals with type 1 diabetes from 15 to 25 years post-diagnosis in different eras: a cross-sectional, real-world observational study, 61e Congrès de l'European Association for the Study of Diabetes (EASD 2025), Vienne (Autriche), septembre 2025.
  2. M. Rothenbühler, A. Lizoain, V. Braunack-Mayer, et coll., Beyond the average: heterogeneity in glycaemic patterns across the menstrual cycle, 61e Congrès de l'European Association for the Study of Diabetes (EASD 2025), Vienne (Autriche), septembre 2025.
EASD 2025
IKED - Initiatief voor Kwaliteitsbevordering en Epidemiologie bij Diabetes

Patrice Pinguet - Belangenconflicten: geen • MediQuality