COVID-19: Gezamenlijk standpunt over de inspraak van artsen op beleidsniveau
BRUSSEL 17/07 - De coronacrisis heeft duidelijk de rol van de huisartsen(kringen) aangetoond om de epidemie te beheersen en de druk op de tweede lijn te verminderen. De kringen, artsensyndicaten en wetenschappelijke verenigingen zijn cruciaal in de frontlinie van het zorgbeleid. Het is dan ook vanzelfsprekend dat zij mee inspraak hebben op alle bevoegdheidsniveaus, federaal en regionaal.
De artsensyndicaten, huisartsenkringen en wetenschappelijke verenigingen zijn tot deze gezamenlijke standpunten gekomen, waarmee moet worden rekening gehouden bij beslissingen op overheidsniveau:
-
Het is duidelijk dat de huisartsenkringen een uitstekend doorgeefluik zijn bij noodsituaties, zowel bij epidemieën als in andere situaties (chemische, ecologische of nucleaire crisissen). Zij kunnen informatie en prioriteiten doorgeven aan de huisartsen en zorgverleners in het veld, en mee instaan voor preventie en triage in het zorgaanbod. Zij kunnen ook informatie, gebundeld op het terrein, doorgeven aan de overheden.
-
De overkoepelende huisartsenkringen, syndicaten en verenigingen staan in voor een betere coördinatie met andere gezondheidsstructuren, zoals de hulpdiensten, spoeddiensten en wachtdiensten van huisartsen. De ervaringen met 1733, die door de kringen zijn geïnitieerd, hebben dit al aangetoond. Zij staan ook in voor een effectieve en harmonieuze samenwerking met de tweede lijn die essentieel is voor een efficiënte organisatie van de gezondheidszorg.
-
Er is nood aan een constructief plan dat rekening houdt met de mogelijkheden en ervaringen van artsen in hun dagelijkse praktijk, waardoor ook situaties vermeden kunnen worden die niet altijd efficiënt zijn en die arts en patiënt benadelen. Dit plan houdt rekening met de uitdagingen van een harmonieus zorgaanbod op het niveau van de eerste lijn, en met name van de algemene geneeskunde.
- Ten slotte heeft deze crisis catastrofale tekortkomingen aan het licht gebracht op het vlak van communicatie. Het is daarom tijd om een veel breder en performanter systeem te overwegen, met name tussen huisartsen en andere zorgverleners, rust- en verzorgingstehuizen, ziekenhuizen (bv. eerstelijnszorgnetwerken afgestemd met ziekenhuisnetwerken) en epidemiologische netwerken.