Enquête: 3 op de 4 Belgen verwachten dat zorgverleners hen informeren over hormoonverstoorders
BRUSSEL 19/11 - Eten opwarmen in plastic potjes. 6 op de 10 Belgen ziet hier geen graten in. Nochtans kan het ongezond zijn, want door de warmte kunnen er mogelijk schadelijke stoffen zoals hormoonverstoorders terechtkomen in het eten. Die stoffen kunnen gezondheidsproblemen of ontwikkelingsstoornissen veroorzaken, zeker bij kwetsbare groepen zoals zwangere vrouwen, kinderen en tieners.
Maar bijna de helft van de bevolking weet niet wat hormoonverstoorders zijn. Verontrustende resultaten, die blijken uit een enquête die de Onafhankelijke Ziekenfondsen afnamen bij 1.000 personen. De Onafhankelijke Ziekenfondsen brengen de problematiek van hormoonverstoorders vandaag op de voorgrond tijdens hun symposium, dat ze samen met de Health and Environment Alliance (HEAL) organiseren.
Hormoonverstoorders zijn chemische stoffen (of mengsels ervan) die niet door het menselijk lichaam worden geproduceerd. Ze kunnen de werking van ons hormoonsysteem verstoren en dus schadelijk zijn voor onze gezondheid.
163 miljard euro, dat is de jaarlijkse economische kost van hormoonverstoorders in Europa. Met de Green Deal wil Europa de klimaatverandering en milieuvervuiling aanpakken. De problematiek van gevaarlijk chemicaliën zit hier onlosmakelijk in verweven. Logisch dus dat in 2020 niet alleen Europa, maar ook de Belgische federale en regionale overheden het probleem van hormoonverstoorders op hun agenda hebben gezet. Ze werken aan een nationaal actieplan om de dagelijkse blootstelling aan hormoonverstoorders te beperken. Maar weet de Belgische bevolking wel hoe vaak ze in aanraking komen met deze potentieel gevaarlijke stoffen? Dat gingen de Onafhankelijke Ziekenfondsen na in een rondvraag over hormoonverstoorders bij 1.000 personen.
Weinig kennis over schadelijke stoffen
48 % van de bevraagden heeft nog nooit over hormoonverstoorders gehoord. Bijna 60 % is er zich niet bewust van dat hormoonverstoorders gezondheidsproblemen kunnen veroorzaken of een negatieve impact kunnen hebben op de ontwikkeling van baby's, kinderen en adolescenten. 1 op de 3 (36 %) is wel op de hoogte van de aanwezigheid van schadelijke stoffen in pesticiden. Dat plastic verpakkingsmaterialen, verzorgingsproducten en speelgoed ook hormoonverstoorders kunnen bevatten, is minder gekend.
De resultaten van de enquête bevestigen dat veel mensen dagelijkse gewoontes hebben die de blootstelling aan hormoonverstoorders zouden kunnen verhogen. Zo warmt vb. 61 % van de ondervraagden zijn of haar eten wel eens op in een plastic potje, gaat 64 % bij aankoop van cosmetica niet na welke stoffen er in aanwezig zijn, en denkt 50 % er niet aan om nieuwe kleren eerst te wassen, voor ze aan te doen. Veel mensen zijn zich nog niet voldoende bewust van de mogelijke gezondheidsrisico's. 39 % van de bevraagden gaf aan bezorgd te zijn over de blootstelling aan hormoonverstoorders in alledaagse producten. De bezorgdheid is wel groter bij mensen die al over hormoonverstoorders gehoord hebben. Maar de meerderheid (60 %) van de ondervraagde Belgen ligt er niet wakker van.
Wat kan de overheid doen?
Toch wordt er gezocht naar informatie over schadelijke stoffen: 21 % van de ondervraagden heeft ooit al eens info over hormoonverstoorders nagetrokken en 50 % heeft al eens details opgezocht over een chemische stof vermeld op het etiket. Dit is wat van de overheid wordt verwacht:
- 3 op de 4 ondervraagden (73 %) gaan er van uit dat er op de Belgische markt alleen producten toegelaten zijn die geen potentieel gevaarlijke stoffen bevatten.
- 59 % van de mensen klasseerden ‘het verbieden van gevaarlijke stoffen' bij de 2 belangrijkste maatregelen die ze van de overheid verwachten..
- Andere maatregelen die de ondervraagden belangrijk vinden: het steunen van Europese initiatieven die het gebruik van hormoonverstoorders verminderen en het opzetten van bewustmakingscampagnes over de aanwezigheid van deze schadelijke stoffen.
Aanbevelingen
"Het is essentieel om de Belgen te informeren en te sensibiliseren, want vandaag zijn ze zich onvoldoende bewust van de gezondheidsrisico's door hormoonverstoorders. Als ziekenfonds moeten we onze leden hierover informeren", benadrukt Xavier Brenez, directeur generaal van de Onafhankelijke Ziekenfondsen. "Het is een complexe materie en dat betekent dat het belangrijk is dat de boodschappen op een duidelijke en verstaanbare manier worden geformuleerd. Ook zorgverleners spelen hier een belangrijke rol in. 3 op de 4 ondervraagden verwacht dat dokters, apothekers of gynaecologen hen informeren over hormoonverstoorders."