Autoworld: het pareltje van het Jubelpark
12/04 - Al sinds 1986 kunnen autoliefhebbers hun hartje gaan ophalen in Autoworld. Het museum aan het Brusselse Jubelpark is een van de 5 grote automusea van Europa. Boven op de indrukwekkende collectie maakt het prachtige kader en het dynamisme van de medewerkers een bezoek meer dan de moeite waard.
Onder de welfsels van de zuid-oostelijke hal van het Jubelpark – een meesterwerk van staal en glas dat het levenslicht zag in 1897 – zie je de hele geschiedenis van de auto voor je ogen voorbijkomen. Geen toeval, want het was op deze plek dat tussen 1902 en 1935 het ‘Salon de l'Auto et du Cycle' plaatsvond. Een tijdlang stond deze vleugel ook bekend als het ‘Wereldpaleis', aangezien het van 1920 tot 1934 onderdak bood aan het Mundeanum – zeg maar ‘het papieren internet', dat intussen naar Bergen verhuisd is. Vandaag de dag kun je hier in Autoworld de auto's van je ouders en grootouders komen bewonderen, of nog oudere exemplaren, want de collectie van het museum begint bij de vroegste geschiedenis van de auto, met de gemotoriseerde koetsen in de galerij Pierre D'Ieteren. Autoworld maakt deel uit van de Big Five van de Europese automusea, samen met de Cité de l'Automobile in het Franse Mulhouse, het Louwman Museum in het Nederlandse Den Haag, het Museo Nazionale dell'Automobile in het Italiaanse Turijn en het National Motor Museum in het Engelse Beaulieu.
Mahy-collectie
Aanvankelijk kon je in Autoworld de beste auto's uit de collectie van de Ghislain Mahy en de motorfietsen van Marcel Thiry gaan bewonderen. Meer nog, de auto's van de familie Mahy vormden de aanleiding voor de oprichting van het museum. Gentenaar Ghislain Mahy was sinds de jaren dertig van vorige eeuw autoverkoper en begon vlak na het einde van de Tweede Oorlog met het aanleggen van een immense collectie auto's. In de loop der jaren verzamelde hij op die manier bijna duizend voertuigen, die hij bewaarde in het Gentse Wintercircus – ook een gebouw met een schitterende architecturale waarde. Eventjes was het een museum, tot de stad Gent daar een eind aan maakte. In 1970 verhuisde Mahy de auto's die door hemzelf en zijn zonen al gerestaureerd waren, naar Houthalen, in wat een van de eerste echte automusea van Europa was. De auto's waren er te zien met een woordje uitleg voor het publiek, tot in 1985 na een discussie met de provincie Limburg werd besloten om dit deel van de collectie over te brengen naar een 8.000 kubieke meter grote hal aan het Brusselse Jubelpark – het huidige Autoworld, dat in 1986 zou opengaan. Op dat moment stonden er echter ook nog altijd auto's uit de Mahy-collectie in Gent, verborgen voor het publiek. Daarvan werden er in 1997 300 overgebracht naar een ruimte van 20.000 vierkante meter in Leuze-en-Hainaut, in wat nu bekend is als het Mahymobiles-museum.

Bugatti
Maar terug naar Brussel, naar Autoworld, dat zijn collectie in de loop der jaren almaar zag aangroeien. Het museum werd ingedeeld in verschillende thematische zones en in 2006 volledig vernieuwd. Maar hét scharniermoment in het bestaan van Autoworld, het moment dat het museum pas écht op de kaart zette, was de tijdelijke tentoonstelling rond Bugatti, die liep van december 2009 tot januari 2010. In een prachtige setting was de hele mezzanine omgetoverd in een expositieruimte volledig gewijd aan dit legendarische merk, dat synoniem staat voor extravagante luxe. Een evenement dat het meesterschap inzake museografie van het Autoworld-team duidelijk maakte, en sindsdien kon niemand nog om Autoworld heen. De tijdelijke exposities zijn gebleven, de ene nog wat spectaculairder dan de andere. Zo herinneren we ons nog de tentoonstelling met de naam Ferdinand Porsche Heritage (2013-2014), geruggensteund door de Porsche-invoerder én door Stuttgart zelf. Of Italian Car Passion (2015-2016), opgebouwd rond een reconstructie van een Italiaans dorpje, American Dream Cars (2017-2018), in het decor van een fifties-drive-in, en British Cars (2019-2020), dat zeldzame en peperdure supercars een plek gaf in een geromantiseerde versie van Londen. Er kwamen ook steeds meer thematische zones, onder meer eentje gewijd aan de Belgische auto, die in 2014 werd geopend. Of de Cartoon Zone, een paddock ter ere van Michel Vaillant en zijn geestelijke vader, de zopas overleden Jean Graton. Sommige decorelementen dompelen bezoekers helemaal onder in de sfeer van een oude werkplaats of die van een circuit.

Permanent toegankelijk
Bijzonder aan Autoworld is dat het alle dagen van het jaar open is, zelfs op zon- en feestdagen. Op dit ogenblik lopen er twee tijdelijke tentoonstellingen: eentje rond het merk Skoda (nog tot 14 maart) en een andere rond drie iconische Volkswagen-modellen: de Beetle, de Golf en de ID.3 (nog tot 28 maart). Van 2 april tot 30 mei staan de breaks er in de spotlights. Autoworld is door zijn ligging aan het Jubelpark – midden in het toeristische hart van Brussel, vlak bij de Europese wijk – makkelijk bereikbaar. Het Jubelpark huisvest trouwens nog twee andere grote musea: het Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis en de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis. Opgelet: het is niet langer mogelijk om op de esplanade te parkeren; die zone is autovrij geworden. Maar het metrostation Merode ligt vlak in de buurt. Een ticket voor Autoworld kost 12 euro voor volwassenen.
Referentie
|
Staat u op het punt een nieuwe auto te kopen? Bent u geboeid door alles wat vier wielen en een motor heeft? Of wil u graag alle (r)evoluties in de autosector op de voet volgen? Neem dan vandaag nog een abonnement op AutoGids en profiteer dankzij Mediquality van een korting van 15 procent, hetzij een voordeel van 28,50 euro*. Hoe van dit aanbod genieten? Klik op de link hieronder en vermeld de promotiecode MQ15. https://abo.autogids.be/product/print/print *Voor een abonnement van 2 jaar |