Niet-kleincellige longkanker en immunotherapie Evaluatie van chemotherapie in het reële leven
Bij een patiënt met een niet-kleincellige longkanker met een PD-L1-expressie ≥ 50% rijst de vraag of een combinatie van chemotherapie en immunotherapie wenselijk is. De FDA heeft een analyse uitgevoerd van de samengevoegde gegevens van verschillende studies. In die studie waren de progressievrije overleving en het percentage objectieve respons beter met de combinatietherapie, maar ze vertoonde wel enkele zwaktes. De auteurs hebben nu een studie in het reële leven uitgevoerd uitgaande van het Amerikaanse FLATIRON-register.
Een niet-kleincellige longkanker (NSCLC) met een PD-L1-expressie ≥ 50% wordt behandeld met een combinatie van immunotherapie ± chemotherapie ± een angiogeneseremmer, maar het is nooit echt bewezen dat chemotherapie iets bijbrengt. Volgens een recente analyse door de FDA van de samengevoegde gegevens van 12 klinische studies waarin de patiënten waren gerandomiseerd naar immunotherapie + chemotherapie vs. immunotherapie alleen, bij in het totaal 3189 patiënten met een NSCLC zonder oncogene verslaving is die combinatietherapie effectief. De mediane totale overleving was numeriek hoger met de combinatietherapie dan met immunotherapie alleen, maar het verschil was niet statistisch significant. Wel was er een significant verschil in progressievrije overleving: 9,6 maanden met de combinatietherapie en 7,1 met enkel immunotherapie (HR = 0,69).
Wilt u de rest van dit artikel lezen?
Registreer gratis om toegang te krijgen tot de volledige inhoud van MediQuality op al uw schermen