Dossiers  >   Biosimilars  >  Biosimilars zijn belangrijk bij chronische inflammatoire darmaandoeningen

Biosimilars zijn belangrijk bij chronische inflammatoire darmaandoeningen

Zoals bij veel andere ziektes heeft de ontwikkeling van biologische geneesmiddelen een echte omwenteling bewerkstelligd bij de behandeling van chronische inflammatoire darmaandoeningen. Dankzij de invoering van biosimilars de laatste jaren kunnen meer patiënten die behandeling krijgen en dalen de kosten voor het gezondheidszorgstelsel. Er is echter nog veel manoeuvreerruimte. Biosimilars zouden een nog veel belangrijkere rol kunnen spelen bij chronische inflammatoire darmaandoeningen. (1)

Enkele artsen uit Saoedi-Arabië en Egypte hebben in april 2025 een literatuuroverzicht gepubliceerd in Clinical and Experimental Medicine. (1) Een artikel verschenen in AJMC - The Center for Biosimilars (2) gaat daar nader op in en onderstreept het interessante potentieel van biosimilars bij de behandeling van de chronische inflammatoire darmaandoeningen, ziekte van Crohn en colitis ulcerosa.

De auteurs herinneren eerst aan de sterk stijgende prevalentie van de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa. In eerdere studies (waaronder een studie in 2020 verschenen in The Lancet) (3) wordt het aantal patiënten met een chronische inflammatoire darmaandoening wereldwijd geraamd op circa 7 miljoen. Tegen 2030, dus al over enkele jaren, zou die prevalentie stijgen met factor 4 tot 6.

In de studie van The Lancet is de voor de leeftijd gecorrigeerde prevalentie in de periode 1990-2017 gestegen van 79,5 per 100 000 personen (75,9-83,5) in 1990 tot 84,3 per 100 000 (79,2-89,9) in 2017. Anderzijds is in die studie een mooie daling van de voor de leeftijd gecorrigeerde sterfte gemeten: van 0,61 per 100 000 (0,55-0,69) in 1990 naar 0,51 per 100 000 (0,42-0,54) in 2017, waarschijnlijk doordat de behandeling voor chronische inflammatoire darmaandoeningen in die tijd verbeterd is.

Figuur uit de studie (1)

Het eerste biosimilar dat de Amerikaanse FDA (Food and Drug Administration) heeft goedgekeurd, was Infliximab-dyyb in 2016 (2013 in Europa). Sindsdien heeft de FDA 14 biosimilars met verschillende werkingsmechanismen en verschillende toedieningswijzen goedgekeurd voor de behandeling van chronische inflammatoire darmaandoeningen, namelijk 4 biosimilars van infliximab, 9 van adalimumab en 1 recent biosimilar van ustekinumab. De patenten voor golimumab en natalizumab zullen binnenkort vervallen, en er zijn al verschillende biosimilars in ontwikkeling (preklinische of fase-3-studies).

Studies die de werkzaamheid en de veiligheid van biologische geneesmiddelen en biosimilars hebben geëvalueerd, hebben aangetoond dat de meeste biosimilars eenzelfde profiel qua werkzaamheid en bijwerkingen hebben als het referentieproduct. Tijdens de postmarketingsurveillance zijn evenwel risico's gerapporteerd die specifiek blijken te zijn voor biosimilars. Verder onderzoek is nodig om dat verder uit te pluizen.

Er wordt volop onderzoek verricht naar biologische geneesmiddelen die van nut zouden kunnen zijn bij chronische inflammatoire darmaandoeningen. Op termijn zullen biosimilars van die biologische geneesmiddelen het therapeutische arsenaal aanvullen. Eén van de kenmerken van die nieuwe geneesmiddelen is dat hun werkingsmechanismen vrij breed zijn.

Figuur uit de studie (1) Werkingsmechanismen van de verschillende geneesmiddelen voor chronische inflammatoire darmaandoeningen

Mogelijke bijwerkingen van biologische geneesmiddelen (en hun biosimilars) zijn: hoger risico op infectie, overgevoeligheidsreacties, auto-immuniteit, kanker, levertoxiciteit en verergering van hartfalen. 

Die bijwerkingen zijn echter grotendeels toe te schrijven aan de wijze van toediening. De meeste biologische geneesmiddelen en biosimilars worden immers parenteraal toegediend. Om die bijwerkingen te vermijden, wordt onderzoek verricht naar nieuwe systemen voor afgifte van geneesmiddelen (gerichte afgifte of "intelligente" geneesmiddelen).

Figuur uit de studie (1) Nieuwe wijzen van toediening van biologische geneesmiddelen en biosimilars.

Bronnen:

  1. Aljabri, A., Soliman, G.M., Ramadan, Y.N. et coll. Biosimilars versus biological therapy in inflammatory bowel disease: challenges and targeting strategies using drug delivery systems. Clin Exp Med 25, 107 (2025). https://doi.org/10.1007/s10238-025-01558-6
  2. Skylar Jeremias, The Growing Impact of Biosimilars in IBD Care, AJMC - The Center for Biosimilars, April 23, 2025 https://www.centerforbiosimilars.com/view/the-growing-impact-of-biosimilars-in-ibd-care
  3. GBD 2017 Inflammatory Bowel Disease Collaborators. The global, regional, and national burden of inflammatory bowel disease in 195 countries and territories, 1990–2017: a systematic analysis for the Global Burden of Disease Study 2017. Lancet Gastroenterol Hepatol. 2020. https://www.thelancet.com/journals/langas/article/PIIS2468-1253(19)30333-4/fulltext
Biosimilars versus biological therapy in inflammatory bowel disease: challenges and targeting strategies using drug delivery systems
The Growing Impact of Biosimilars in IBD Care
The global, regional, and national burden of inflammatory bowel disease in 195 countries and territories, 1990–2017: a systematic analysis for the Global Burden of Disease Study 2017

Patrice Pinguet - Belangenconflicten: geen • MediQuality