Hoe evolueren de degeneratieve letsels bij axiale spondyloartritis?
Te onthouden: Patiënten met een axiale spondyloartritis vertonen vaak degeneratieve letsels van de wervelkolom. In een studie vertoonde 53% van de patiënten ≥ 1 degeneratief letsel bij röntgenonderzoek en 94% bij MRI. Na 10 jaar was dat respectievelijk 71% en 97%.De jaarlijkse progressie was beperkt en bij röntgenonderzoek ging het vooral om osteofyten (2,34%) en een vernauwing van de tussenwervelruimte (1,37%).
Methode
- De vorsers hebben een cohortonderzoek uitgevoerd bij 330 patiënten van gemiddeld 34 jaar (47% mannen) met een axiale spondyloartritis, die gedurende 10 jaar werden gevolgd met een MRI van de hele wervelkolom en röntgenfoto's van de halswervels en de lumbale wervels.
- Degeneratieve letsels werden geëvalueerd door drie artsen. Een degeneratief letsel werd gedefinieerd als concordantie ≥ 2 van de 3 lezers of het gemiddelde van hun evaluaties (≥ 1 letsel per patiënt).
- De evolutie van de degeneratieve letsels werd geëvalueerd met ‘multilevel generalized estimating equation'-modellen gebaseerd op de individuele gegevens van de lezers.
- Bij de evaluatie werd rekening gehouden met het geslacht, HLA-B27, de body mass index, het rookgedrag, de aard van de job en behandeling met bDMARD's.
Belangrijkste resultaten
- De prevalentie van degeneratieve letsels is over een periode van 10 gestegen. De jaarlijkse evolutie van de osteofyten (odds ratio 2,34 [95% BI: 1,92-2,75], de vernauwing van de tussenwervelschijf (OR 1,37 [95% BI: 0,95-1,80]) en de facetartrose (OR 1,30 [0,90-1,69]) was significant.
- Bij MRI zijn de discushernia (OR 1,19 [95% BI: 0,74-1,64]), de ‘Modic type I'-letsels (OR 1,01 [95% BI: 0,69-1,33]) en de ‘Modic type II'-letsels (OR 0,94 [95% BI: 0,66-1,22]) jaarlijks duidelijk toegenomen
- Zowel bij röntgenonderzoek als bij een MRI is het totale aantal degeneratieve letsels significant gestegen.
- Factoren die correleerden met een snellere progressie, waren een hogere BMI en behandeling met bDMARD's (dat laatste wees op een ernstigere spondyloartritis).
In de praktijk
De auteurs hebben vastgesteld dat "discuslijden frequent is bij axiale spondyloartritis, maar zeer traag verergert over een periode van 10 jaar. De progressie verloopt sneller in geval van een hogere BMI en behandeling met bDMARD's (ernstige axiale spondyloartritis)".
Zwakke punten
Een groot aantal patiënten is in dat cohortonderzoek uit het oog verloren. De vorsers hebben dus maar een deel van de patiënten die in de studie waren opgenomen, kunnen analyseren. Er zijn geen röntgenfoto's van de thoracale wervels uitgevoerd volgens het DESIR-protocol. De thoracale wervelkolom is wel onderzocht bij MRI. Bovendien is enkel een sagittale MRI uitgevoerd, waardoor het moeilijk was facetartrose en de tussenwervelruimte goed te beoordelen. De evolutie van de degeneratieve letsels is niet bij individuele patiënten geëvalueerd, zodat het moeilijk is conclusies te trekken over de dynamische veranderingen van de specifieke letsels.
Bron:
Dit artikel is oorspronkelijk gepubliceerd door Univadis.fr, dat net als MediQuality deel uitmaakt van de Medscape-groep.