Geruststellende gegevens over het cardiovasculaire risico bij gebruik van IL-17-antagonisten bij psoriatische artritis
Volgens een studie die in september 2025 is gepubliceerd in JAMA Dermatology, verhogen monoklonale antilichamen gericht tegen de IL-17-weg het risico op ernstige cardiovasculaire accidenten niet bij patiënten met psoriatische artritis.
Volgens studies uitgevoerd in het reële leven zouden patiënten met een matig ernstige tot ernstige psoriasis een hoger cardiovasculair risico lopen. Verhogen de biologische geneesmiddelen die aan die patiënten worden voorgeschreven, het risico?
Dat zou alvast niet het geval zijn met TNF-alfa-antagonisten, maar IL-17- en IL-12/23-antagonisten zouden ernstige cardiovasculaire accidenten (MACE, een samengesteld eindpunt van ischemisch cerebrovasculair accident en acuut coronair syndroom) kunnen veroorzaken door destabilisering van de atheroomplaten als gevolg van remming van de Th17-lymfocyten. Maxime Raby et coll. (Rennes, Frankrijk) hebben het effect van monoklonale antistoffen gericht tegen interleukine-17 (secukinumab, ixekizumab en brodalumab) onderzocht bij patiënten die werden behandeld wegens psoriasis of gewrichtspsoriasis.
Ze hebben een casus-controleonderzoek en meer bepaald een casus-tijd-controleonderzoek uitgevoerd bij alle patiënten die een ernstig cardiovasculair accident hebben ontwikkeld binnen zes maanden na het starten van een behandeling met een IL-17-antagonist. Ze hebben daarbij ook rekening gehouden met het cardiovasculaire risico voor behandeling (tijdens de laatste 6 maanden voor het starten van de IL-17-antagonist). Bij de analyse werden de patiënten gestratificeerd volgens het cardiovasculaire risico. Een hoog risico werd gedefinieerd als aanwezigheid van 2 risicofactoren of een voorgeschiedenis van trombo-embolie.
Dat protocol is ook toegepast bij patiënten die TNF-alfa-antagonisten (adalimumab of etanercept) hebben gekregen voor soortgelijke indicaties (psoriasis, psoriatische artritis, axiale spondyloartritis en juveniele artritis). Die patiënten vormden de controlegroep.
Vergelijking met TNF-alfa-antagonisten
34 241 patiënten van gemiddeld 48,5 jaar (45% mannen) zijn tussen januari 2016 en december 2021 een IL-17-antagonist gestart voor behandeling van psoriasis (59%), gewrichtspsoriasis (17%), axiale spondyloartritis en/of juveniele artritis (3%). 29% van de patiënten liep een hoog cardiovasculair risico bij het starten van de behandeling. Tijdens de studieperiode zijn 381 ernstige cardiovasculaire accidenten opgetreden, meer bepaald 176 gevallen van acuut coronair syndroom en 88 gevallen van ischemisch CVA. Bij de hoofdanalyse met correctie voor de tendens in de tijd correleerde het starten van een IL-17-antagonist met een hogere incidentie van ernstige cardiovasculaire accidenten (odds ratio: 1,25), maar het verschil was niet statistisch significant.
Bij vergelijking met de groep die een TNF-alfa-antagonist heeft gekregen (108 811 patiënten en 1561 ernstige cardiovasculaire accidenten), en na correctie voor de mogelijke stopzetting van plaatjesaggregatieremmers, anticoagulantia, antihypertensiva en/of vetverlagers bedroeg de OR 1,40. Ook dat verschil was niet statistisch significant.
Dat werd bevestigd door andere analyses en met name een sensitiviteitsanalyse met een bredere definitie van MACE of als de follow-up werd ingekort tot 3 maanden. De gegevensbank bevatte geen gegevens over obesitas en een sedentair gedrag. Maar door een schema te gebruiken waarbij de patiënt met zichzelf werd vergeleken, vermijd je bias.
Volgens de auteurs blijkt het starten van een IL-17-antagonist dus het risico op MACE niet te verhogen, hoewel ze dat risico toch niet volledig kunnen uitsluiten. Ze stellen een soortgelijke analyse van IL-23-antagonisten voor.
Bron:
Raby M, Balusson F, Oger E et coll. Interleukin-17 Inhibitors and Early Major Adverse Cardiovascular Events. JAMA Dermatol. 2025 Sep 3:e252972. doi: 10.1001/jamadermatol.2025.2972.