Nieuws  >  Een nieuwe integraseremmer van de 3e generatie. VH-184 heeft een hogere genetische barrière

Een nieuwe integraseremmer van de 3e generatie. VH-184 heeft een hogere genetische barrière

VH-184 is een integraseremmer van de 3e generatie. VH-184 werkt lang, wordt geïnjecteerd en is zeer actief op hiv-1-stammen die resistent zijn tegen integraseremmers (INSTI) van de 2e generatie. Deze studie(1) heeft VH-184 vergeleken met bictegravir, een belangrijk geneesmiddel bij de huidige behandeling van hiv-infectie/aids.

Integraseremmers (INSTI) zijn de hoeksteen geworden van de behandeling tegen hiv-infectie/aids. Ze hebben een krachtige en lang aanhoudende werking en een hoge genetische barrière. Maar er kan resistentie optreden tijdens een tweedelijnstherapie of als de therapietrouw te wensen overlaat. Resistentie komt zelden voor met de INSTI van de tweede generatie (dolutegravir, bictegravir, cabotegravir), die een hoge genetische barrière hebben, maar specifieke mutaties zoals Q148H/K/R en G118R kunnen op lange termijn de werkzaamheid van de behandeling in het gedrang brengen, waardoor het risico op transmissie weer stijgt. Om een alternatief te bieden in geval van therapeutisch falen van INSTI van de 2e generatie, worden INSTI van de 3e generatie ontwikkeld, waaronder VH-184. Er is al een fase I‑studie uitgevoerd bij seronegatieve vrijwilligers om de tolerantie, het veiligheidsprofiel en de farmacokinetiek van VH-184 te evalueren(2). In deze studie werd het resistentieprofiel van VH-184 tegen een panel van pseudotypische hiv-1-virussen die resistent waren tegen INSTI van de tweede generatie, vergeleken met dat van bictegravir (BIC), een INSTI van de 2e generatie.

Wilt u de rest van dit artikel lezen?

Registreer gratis om toegang te krijgen tot de volledige inhoud van MediQuality op al uw schermen

Schrijf u gratis in

Om toegang te krijgen tot nationale en internationale medische informatie op al uw schermen.