Bertolt Brecht: het was toch geen hartneurose
Artsen van Bertolt Brecht (1898-1956) waren van mening dat de hartproblemen van de Duitse dramaturg neurotisch van aard waren.
Het was in 2010 dat Stephen Parker, Brits expert gespecialiseerd in Brecht, op een document had ontdekt dat artsen tijdens zijn kindertijd een vergroot hart hadden opgemerkt, waarschijnlijk na een radiografie.
De puzzelstukken werden bij elkaar gebracht, gaande van de beschreven symptomen tot de getuigenissen van zijn vrienden over de zenuwachtige trekken aan de linkerkant van zijn gezicht die hem doen grijnzen. Dit doet vermoeden dat Bertolt Brecht tijdens zijn jeugd kampte met ernstig gewrichtsreuma, met aantasting van het hart en mineure chorea.
Daarop volgde aritmie, cardiomegalie, dyspneu en asthenie. Een hartaanval was niet de doodsoorzaak, maar heel waarschijnlijk een pericarditis als gevolg van een urineweginfectie. Op volwassen leeftijd had Brecht vaak last van nierstenen, prostatitis en ook nog een vernauwing van de urethra.