Dossiers  >   Epilepsie  >  Psychische problemen bij kankerpatiënten met epilepsie: een nieuw concept van de processen

Psychische problemen bij kankerpatiënten met epilepsie: een nieuw concept van de processen

Uit epidemiologische onderzoeken in de psycho-oncologie blijkt dat aanpassingsstoornis de frequentste diagnose is bij kankerpatiënten. De aankondiging van kanker heeft eenzelfde traumatiserende werking als de aankondiging van bijv. een CVA, aids of een andere ziekte. Die traumatische dimensie vertoont biologische gelijkenissen met wat we zien bij een bipolaire stoornis en ook bij de pathofysiologie van epilepsie. Daarom is een nieuw concept uitgedokterd dat de psychische processen beschrijft die meespelen bij de aanpassing aan kanker, en ook wordt gedacht aan studies om de werkzaamheid van anti-epileptica in die patiiëntenpopulatie te evalueren. Naar een gesprek met dr. Alain Ronson, psychiater (BordetInstituut).

Aanpassingsstoornis is de belangrijkste diagnostische categorie geworden in de oncologie samen met een depressieve gemoedsstemming en angst. Dr. Ronson: "Een aanpassingsstoornis is volgens de DSM een klinisch beeld, dat beantwoordt aan één of meer stressfactoren en zich uit in overmatig lijden in vergelijking met wat je in zo'n situatie zou verwachten." Maar welk lijden zou je verwachten als iemand te horen krijgt dat hij kanker heeft? "Je kan je dat moeilijk indenken en aanvaarden aangezien je je in een subklinische situatie bevindt. Die patiënten vertonen angst- en/of depressieve symptomen, die niet beantwoorden aan een bepaalde ziekte zoals een depressie in engere zin of angststoornissen. Een aanpassingsstoornis heeft enkele punten gemeen met een bipolaire stoornis en epilepsie in die zin dat de ontwikkeling van een posttraumatisch ziektebeeld gemakkelijk automatisch plaatsvindt als die episoden worden herhaald."

Wilt u de rest van dit artikel lezen?

Registreer gratis om toegang te krijgen tot de volledige inhoud van MediQuality op al uw schermen