Prostaatkanker: waarom urologen, oncologen en cardiologen nauwer moeten samenwerken
Prostaatkanker als chronische aandoening stelt de cardiovasculaire gezondheid van de patiënten onder druk en vormt een uitdaging voor artsen. De cardiotoxiciteit van behandelingen, in combinatie met aanwezige cardiometabole risicofactoren, maakt van de aanpak van prostaatkanker eerder een multidisciplinaire aangelegenheid, tussen oncologen, urologen en cardiologen. Een lokaal Amerikaans initiatief in een tertiair kankercentrum in Houston, wijst op de mogelijke gunstige voordelen van zo’n programma naar outcome toe, maar eveneens op de uitdagingen ervan.
Door betere en effectieve behandelingsopties is prostaatkanker nu vaker een chronische aandoening. De overlevingskansen voor mannen met gelokaliseerde en uitgezaaide prostaatkanker mogen dan wel zijn verbeterd, ze lopen een verhoogd risico op atherosclerotische hart- en vaataandoeningen (ASCVD). Dat kan een negatief effect op kankerbehandelingen hebben. Bij gevorderde prostaatkanker richt de behandeling zich primair op de androgeenreceptorroute, wat kan leiden tot potentiële cardiotoxiciteit zoals veranderingen in lichaamssamenstelling, verminderde fitheid, dislipidemie, insulineresistentie en hart- en vaatziektes. De praktijk laat echter zien dat de cardiologische follow-up om deze risicofactoren te beoordelen en aan te pakken, vaak te wensen overlaat. Het Texaanse kankerinstituut MD Anderson Cancer Center in Houston heeft een programma opgestart om die cardiometabole risicofactoren onder controle te houden. Deze retrospectieve studie laat alvast een (kleinschalige) evaluatie van dit initiatief zien.
Wilt u de rest van dit artikel lezen?
Registreer gratis om toegang te krijgen tot de volledige inhoud van MediQuality op al uw schermen