Dossiers  >   Inflammatoire Darmziekten (IBD)  >  Welke voedselpatronen bepalen risico op latere ontwikkeling van chronische darmaandoeningen?

Welke voedselpatronen bepalen risico op latere ontwikkeling van chronische darmaandoeningen?

Een internationaal team van experts besloot een systematische literatuurreview uit te voeren naar de mogelijke verbanden tussen bepaalde diëten en het risico van ofwel de ziekte van Crohn, ofwel colitis ulcerosa. Ze vonden een verhoogd risico van de ziekte van Crohn bij personen die veel ultrabewerkte voeding innamen en bij degenen die een voedselpatroon hadden dat inflammatie bevorderde. Voor colitis ulcerosa waren die verbanden met een verhoogd risico minder consistent.

De voorbije decennia werd heel wat research verricht naar de etiologie van chronisch inflammatoire darmaandoeningen of IBD-ziekten. Nu zowel de prevalentie als de incidentie van de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa wereldwijd de hoogte ingaat, is het belangrijk zicht te hebben op mogelijke risicofactoren. Daarbij komen diëten en voedselpatronen meer in het oog van de onderzoekers, net omdat dit een aanpasbare risicofactor is. Eerdere studies kwamen met niet zo eenduidige data en conclusies, vandaar deze systematische review van de beschikbare literatuur door enkele internationale experts.

Toekomstige dieetgerichte preventiestudies en -aanbevelingen

Hun selectie omvatte in totaal 72 prospectieve cohortstudies of nested case-control studies van gezonde deelnemers (meer dan 2 miljoen deelnemers, 65 studies bij volwassenen en 7 bij kinderen) , waarbij men dieet- en voedingsgegevens voor de IBD-diagnose had verzameld.

De meta-analyses werden uitgevoerd met behulp van een random-effectsmodel, waarbij aangepaste hazard ratio's (aHR's) werden gepoold voor de hoogste blootstellingscategorie ten opzichte van de laagste. De analyse van de data voor de ziekte van Crohn en die voor colitis ulcerosa gebeurde afzonderlijk vanwege hun verschillende risicofactoren en pathogenese. De gemiddelde follow-upduur bedroeg 12,8 jaar en tijdens die periode ontwikkelden 1.902 deelnemers de ziekte van Crohn en 4.617 colitis ulcerosa.

De auteurs vonden een verhoogd risico op de ziekte van Crohn dat in verband werd gebracht met een dieet dat ontsteking in de hand werkt ("ontstekingsbevorderend" dieet, voedselpatroon met hoge EDIP-score)(gepoolde aHR: 1,63 ; 95% CI: 1,26-2,11) en met de consumptie van ultrabewerkte voedingsmiddelen (gepoolde aHR: 1,71 ; 95% CI: 1,36-2,14). Bij een verlaagd risico op de ziekte van Crohn bemerkte men verbanden met een hoge vezelinname (gepoolde aHR: 0,53 ; 95% CI: 0,41-0,70), met de inname van een mediterraan dieet (gepoolde aHR: 0,59 ; 95% CI: 0,43-0,81), met een gezond en evenwichtig dieet (gepoolde aHR: 0,70 ; 95% CI: 0,54-0,91) en met de consumptie van onbewerkte of minimaal bewerkte voedingsmiddelen (gepoolde aHR: 0,71 ; 95% CI: 0,53-0,94). Er werden geen consistente verbanden gevonden voor de ziekte van Crohn met afzonderlijke voedingsmiddelen zoals rood vlees, vis, eieren, zuivelproducten, fruit/groenten, peulvruchten/noten, zoete dranken, olijfolie, omega-3-vetzuren, ijzer- en zinkinname, totaal natrium, vitamine D, alcoholconsumptie en gluteninname. Wat colitis ulcerosa betreft, hier werden geen consistente verbanden gevonden tussen afzonderlijke voedingsmiddelen of -patronen en het risico.

Een enkele studie liet wel een hoger risico zien met gefrituurd voedsel, terwijl er een verband was tussen een hogere inname van quercetine en anthocyanine met een lager risico. De belangrijkste bevindingen bevestigen opnieuw dat een voedselpatroon wel degelijk een aanpasbare levensstijlfactor is.

Deze conclusies kunnen verder dienen voor het opzetten van dieetgerichte preventiestudies en -aanbevelingen voor de ziekte van Crohn. 

Bron:

Impact of diet on inflammatory bowel disease risk: systematic review, meta-analyses and implications for prevention. EClinicalMedicine. 2025 Jul 14:86;103353. doi: 10.1016/j.eclinm.2025.103353

Impact of diet on inflammatory bowel disease risk: systematic review, meta-analyses and implications for prevention

David Desmet De Lavie werkt als een freelance consultant in medische en farmaceutische communicatie en public affairs. Hij schrijft onafhankelijke opiniestukken die enkel en alleen zijn eigen standpunten weergeven en redactionele bijdragen voor en op vraag van Mediquality of die van de verwerkte en in het artikel vermelde bron(nen) weergeven. Hij verwoordt op geen enkel moment en op geen enkele manier in zijn opiniestukken en redactionele bijdragen een standpunt of opinie van zijn klanten. • MediQuality