Infecties en vaccins: als de genetica er zich mee moeit
De genetische diversiteit van de genen die coderen voor de immunoglobulines, blijkt bij de mens veel groter te zijn dan verwacht. Dat zou weleens belangrijke informatie kunnen zijn bij het onderzoek naar nieuwe vaccins.
Alle mensen reageren anders op infecties en vaccins. Immunoglobulines, een grote klasse van eiwitten die de antilichamen vormen, worden immers gecodeerd door genen, waarvan de aard en de distributie verschilt van persoon tot persoon en met name volgens de etnische herkomst. Dat is de conclusie van twee grote studies die de groep van Gunilla Karlsson Hedestam, microbiologe aan het Karolinska Instituut (Stockholm), in het tijdschrift Immunity heeft gepubliceerd.
In de eerste studie hebben de vorsers een sequencing uitgevoerd van de genetische locus IGH (Immunoglobulin Heavy-Chain) bij 2486 mensen van verschillende etnische origine (in het totaal 25). Die locus bevat met name 87 genen die verantwoordelijk zijn voor de variabiliteit van de antilichamen (1). De analyse wijst op een zeer hoge diversiteit van de ene bevolking tot de andere. Tot 30% van de mensen uit Oost-Azië was homozygote drager (dus op beide chromosomen) van een deletie van zes consecutieve IGHD-genen (Immunoglobulin Heavy-Chain Diversity).
De vorsers hebben voorts meer dan 300 voorheen onbekende genetische varianten ontdekt. Die verschillen zijn toe te schrijven aan de evolutie van de mens. Tijdens de evolutie is het genoom geboetseerd naargelang van een traject, dat verschilt plaats tot plaats op de wereld, met name door de voorgeschiedenis van infecties in de volkeren.
Volgens Martin Corcoran, ook van het Karolinska Instituut en coauteur van de studie, "zal genetische mapping van grote groepen mensen ons leren welke invloed de verschillen in de genen die meespelen in het immuunsysteem, hebben op onze fysiologie, het antwoord op infecties, auto-immuunziektes en kanker. Zo zullen we ook de immunologische geschiedenis van onze soort, die ingebed is in ons DNA, beter kunnen lezen."
In de tweede studie heeft die groep onderzocht hoe genetische verschillen invloed uitoefenen op de immuunrespons op het influenzavirus (2). Opnieuw hebben ze duidelijke verschillen van de ene persoon tot de andere vastgesteld. Zo hebben ze een frequente genetische variant ontdekt die zorgt voor de vorming van een bepaalde klasse van neutraliserende antistoffen tegen het gedeelte van het virale hemagglutinine, waarmee het virus zich aan de cellen bindt. De vorsers hebben aangetoond dat voor de vorming van veel neutraliserende antistoffen IGHD-genen nodig zijn, die veel mensen niet hebben. Die zijn dan ook benadeeld en hun immuunsysteem zal minder goed reageren tegen het griepvirus.
"Bepaalde vormen van antistofrespons zijn enkel mogelijk bij mensen die drager zijn van specifieke genetische varianten. Bij de ontwikkeling van vaccins die wereldwijd effectief zijn, is het dus erg belangrijk rekening te houden met de genetische diversiteit", aldus Gunilla Karlsson Hedestam.
Bronnen:
- Ultra-high-throughput IGH genotyping of 25 global populations reveals population-biased allelic diversity and homozygous V and D gene deletions, Corcoran et al., Immunity. 2026 Mar 16:S1074-7613(26)00047-6. doi: 10.1016/j.immuni.2026.01.026
- Genetically diverse influenza antibodies highlight the role of IG germline gene variation and inform population-comprehensive vaccine strategies, Fischer et al., Immunity. 2026 Mar 26:S1074-7613(26)00113-5. doi: 10.1016/j.immuni.2026.03.002