COVID-19: Drie maanden contacttracing kostte 26,7 miljoen
BRUSSEL 03/02 - Het centraal contactcentrum coronaopsporing kostte vanaf september tot en met november 2020 in totaal 26,7 miljoen euro. Dat blijkt uit cijfers van Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke (CD&V), die Open Vld-parlementslid Freya Saeys opvroeg. Waar de consortiumpartners in september nog 5 miljoen euro doorrekenden, was dat in oktober al 8,8 miljoen en in november zelfs 12,9 miljoen. Dit hangt samen met de gestegen personeelsbezetting.
Het centraal contactcentrum moet personen die besmet zijn of die een hoogrisicocontact hebben gehad, contacteren. Daarna moeten de contacttracers deze hoogrisicocontacten in kaart brengen met als doel de verspreiding van het virus in te dijken. De personeelsbezetting fluctueert sterk in functie van de epidemiologische situatie. Uit het antwoord op een schriftelijke vraag van Freya Saeys blijkt dat er vandaag ongeveer 735 callcenteragenten actief zijn.
Het aantal callcenteragenten lag in september op 330,92, terwijl er ook 82,95 voltijdse veldagenten actief waren. In oktober steeg dat respectievelijk naar 548,64 voltijdse callcenteragenten en 188,05 voltijdse agenten op het terrein, om in oktober te pieken op 999,45 voltijdse callcenteragenten en 167,77 voltijdse veldagenten. Dit weerspiegelt zich in de gestegen kostprijs die de vier consortiumpartners (ZGP Intermut, Mutas, Consortium call centra en KPMG) doorrekenden aan de Vlaamse overheid.
Saeys ziet ook een opvallende evolutie in het aantal uitgevoerde oproepen per agent. "Dat cijfer fluctueert enorm. In oktober 2020 deed elke agent er nog gemiddeld 22 per dag, maar in november viel dit terug tot een gemiddelde van 10 per dag. Dat zijn erg weinig oproepen. Daarnaast zijn zo'n enorme schommelingen ook niet te verklaren. Ik stel me daar grote vragen bij. Zodra de coronacrisis achter ons ligt, lijkt een onderzoek naar de werkzaamheden van de contacttracers me dan ook aan de orde", vindt het Open Vld-parlementslid.
Ten slotte worden er ook heel wat foutieve telefoonnummers doorgegeven aan het contactcentrum of worden de nummers foutief genoteerd. Bij indexpatiënten schommelt het aantal foute telefoonnummers tussen 6,3 en de 9,5 procent. Bij hoogrisicocontacten neemt het aantal foute telefoonnummers gelukkig wel duidelijk af sinds oktober 2020. Waar er die maand nog 6,9 procent foutief was, viel dat in januari 2021 terug tot 2,2 procent. "Het doorgeven en noteren van telefoonnummers van indexpatiënten blijft problematisch. Een nog betere en intensere samenwerking met de huisartsen, mutualiteiten en labo's kan dit verhelpen. Ik spoor minister Wouter Beke dan ook aan om hierop in te zetten", besluit Freya Saeys.