Adjuvante chemotherapie bij borstkanker in een vroeg stadium Is een voorafgaand genetisch onderzoek kosteneffectief?
Bij een ER+/HER2- borstkanker in een vroeg stadium kan genetisch onderzoek helpen bij de beslissing om al dan niet een adjuvante chemotherapie voor te schrijven. Een score geeft aan welke patiënten werkelijk baat zullen vinden bij chemotherapie. Die tests zijn gevalideerd in pivotale fase III-studies en worden ook vermeld in de richtlijnen van de ASCO 2022, maar zijn ze ook kosteneffectief? Het antwoord is te vinden in een studie die is gepresenteerd op de 13e European Breast Cancer Conference, die onlangs heeft plaatsgevonden in Barcelona.
Verslag van een sessie tijdens de EBCC 2022

Bij borstkanker in een vroeg stadium wordt de beslissing om al dan niet een adjuvante chemotherapie voor te schrijven genomen op grond van de klassieke klinische en pathologisch-anatomische criteria. In speciale klinische situaties kan die beslissing echter toch moeilijk zijn, bijvoorbeeld bij een HER2- ductulair adenocarcinoom pT2 (3 cm) pN1 (2/11). Genetische signaturen vervangen de klinische en histopathologische gegevens niet, maar kunnen toch helpen bij het nemen van een beslissing. De studies MINDACT, TAILORx (kanker N0) en RxPONDER (kanker N1) hebben die tests gevalideerd en duidelijk aangetoond ze een prognostische waarde hebben (risico op recidief). Het resultaat is een de-escalatie van de behandeling. Dat is goed voor de patiënte, die niet wordt opgezadeld met de negatieve gevolgen van een zinloze chemotherapie, en voor het budget voor de gezondheidszorg (besparingen). Dat laat vermoeden dat die tests kosteneffectief zijn, maar is dat ook bewezen? Er was nog geen enkele studie uitgevoerd die de risico-batenverhouding van een genetische test heeft vergeleken met die van het standaardbeleid, d.w.z. een beslissing enkel op grond van klinische en pathologisch-anatomische gegevens.
55,2% minder chemotherapie
De studie1 is uitgevoerd bij patiënten met een ER+/HER2- borstkanker in een vroeg stadium N0, die werden gestratificeerd volgens de leeftijd (< 50 jaar 41,2% en ≥ 50 jaar 16,7%) en het aantal positieve lymfeklieren (N1: 1-3) bij de vrouwen ≥ 50 jaar (42,1%). De onderzoekers hebben een wiskundig kosten-effectiviteitsmodel opgesteld volgens een MARKOV-structuur met 5 toestanden: geen recidief, geen recidief op afstand, acute myeloïde leukemie, chronisch hartfalen en overlijden. De waarschijnlijkheid bij de patiënten met een borstkanker N0 of N1 werd berekend op grond van de gegevens van de TAILORx- en de RxPONDER-studie. Het model omvat de directe medische kosten, de logistiek en de kosten die samenhangen met de toxiciteit van de chemotherapie. In de totale patiëntenpopulatie waren de kosten lager (€ 3412) en de QALY's hoger (0,34) met de Oncotype Dx dan met het standaardbeleid. Bij 55,2% van de patiënten kon op grond van het resultaat van die genetische test worden afgezien van chemotherapie. De test verlaagde het aantal patiënten met een acute myeloïde leukemie met 55% en het aantal patiënten met hartfalen met 11,9%. Bij een deterministische sensitiviteitsanalyse waren de kosten lager en de prognose beter met de Oncotype Dx dan met het standaardbeleid. De test had vooral positieve invloed op het ziekteverlof, het transport en de kosten van de behandeling. Volgens een probabilistische analyse bedraagt de waarschijnlijkheid dat de test kosteneffectief is bij een afbreekwaarde van € 20 000/QALY 100%.

De-escalatie van de behandeling op geleide van het resultaat van genetisch onderzoek
In die studie zou het gebruik van de Oncotype DX resulteren in minder chemotherapie, minder kosten en meer QALY's dan als de beslissing enkel zou worden genomen op grond van klinische en pathologisch-anatomische factoren. Met die genetische test is het dus mogelijk de behandeling te verbeteren en de patiënten een zinloze chemotherapiekuur en de daaruit voortvloeiende bijwerkingen te besparen zonder dat de prognose dan minder goed is. De boodschap is dan ook: "Een genetische test is essentieel bij vrouwen met een ER+ HER2- borstkanker in een vroeg stadium met een hoog klinisch risico op recidief.
Referentie:
1.Curtit E, et al. 13th European Breast Cancer Conference 2022 ;#182
Any views expressed in this article are the EBCC authors own and do not necessarily reflect the views of Medscape Benelux.